Vuurkracht T-34-85 tegen Duitse tanks (1944-1945)

    De Duitse invasie in de Sovjet-Unie op 22 juni 1941 toonde niet alleen aan dat de Sovjet-Unie in staat was tanks op grote schaal te produceren, maar ook dat er sterke middelzware en zware Sovjettanks bestonden die het merendeel van de Duitse tanks wat betreft bepantsering en vuurkracht aan konden. Daarvan waren veel Duitse frontsoldaten en zelfs militairen in hogere rangen niet op de hoogte. Het ging daarbij vooral om de middelzware Sovjet T-34 (T-34-76) en zware KV-1 (KV-1, KV-2 en varianten). De genoemde Sovjettanks konden in theorie alle Duitse tanks tot op een halve kilometer of verder met 76,2mm pantsermunitie vernietigen. Daarbij hadden de Duitse tanks moeite om het frontale romppantser (soms ook koepelpantser) van beide Sovjettanks met standaard 2, 3,7, 5 of 7,5 cm pantsermunitie tot op grote afstand te doorboren. Dit verhevigde het probleem.


    Sovjet-infanterie passeert T-34-76 tanks in augustus 1941. De eerste T-34-76 tanks waren met 76,2mm L-11 kanonnen bewapend. Hier gaat het om 76,2mm F-34 geschut (76 mm tank gun M1940 F-34). Gebruikte bron(nen): Albumwar2

    Een vernietigde KV-1 model 1941 of KV-1 model 1942. Granaatinslagen zijn duidelijk te zien. Gebruikte bron(nen): Wikimedia

    De introductie van de nieuwe Duitse PzKpfw VI Tiger en PzKpfw V Panther in 1942 en 1943 keerde het tij deels (ook de herbewapende Panzerkampfwagen IV droeg bij aan een omwenteling wat betreft vuurkracht). De Tiger en Panther-tanks konden zowel alle T-34-76 varianten en de KV-series tot op een kilometer of verder vernietigen. De Slag om Koersk van 5 juli 1943 tot en met 23 augustus 1943 vormde de impuls voor de Sovjettroepen om nog eens kritisch na te denken over hun tankbewapening. Het Sovjet Staatsdefensie Comité kwam bijeen op 25 augustus 1943 en wilde de bestaande T-34-76 tankserie herbewapenen met een nieuw kanon om betere vuurkracht te introduceren. Daarbij waren vertegenwoordigers van het Volkscommissariaat aanwezig. Een tankproject (T-43) werd achterwege gelaten omdat de bestaande productielijnen niet snel om te bouwen waren. Drie ontwikkelingsbureaus gingen aan de slag om een 85mm kanon te ontwerpen. De sovjetingenieurs hadden niet stilgezeten en stelden voor om een bestaand luchtdoelgeschut (85mm 52K model 39) te monteren op het T-34 onderstel. De daarop gebaseerde 85mm D-5T (oorspronkelijk D-5, want de "T" staat voor tank) was ontworpen door het ontwerpbureau van generaal Fjodor Petrov (1902-1978). Dat kanon was een tussenoplossing voordat een ander 85mm wapen, de 85mm ZiS-S-53, gemodificeerd door ingenieur A. Savin (de 'S' staat voor Savin) werd gemonteerd in T-34-85 tanks. Een nieuwe koepel werd ontworpen die de grootte van het nieuwe 85mm geschut aankon. Ook werd een nieuwe koepelring gekozen om het nieuwe wapen en de nieuwe toren te monteren (de breedte van de koepelring ging van 1,425 meter naar 1,6 meter). De verbeterde tank (T-34-85) bleek in staat veel Duitse tanks aan de voorkant, zijkant of achterkant uit te kunnen schakelen. Vergeleken met de T-34-76 was de tank ook beter wat betreft de verdeling van bemanningsleden. Zo waren er drie man in de koepel aanwezig, anders dan de twee man bij de T-34-76 wat het laden vertraagde. Twee bemanningsleden zaten in de romp van het voertuig.


    De bemanning van een T-34-76 tank met de naam 'Sergey Kirov' bereidt de tank voor op de komende gevechten. Gebruikte bron(nen): Albumwar2

    Een colonne T-34-85 model 1943 (T-34-85 Model 1943) tanks in de winter van 1943-1944. Gebruikte bron(nen): Wikimedia

    Onderstaand artikel analyseert met veel detail en grote nauwkeurigheid de vuurkracht van de T-34-85 model 1943 en model 1944 (Model soms ook met hoofdletter geschreven) tegen Duitse tanks. De belangrijkste pantser doorborende munitiesoorten worden daarbij besproken. Daarbij vindt het doorslagvermogen van de pantsergranaten onder een hoek van 0 of 90 graden, ligt aan het perspectief, plaats. Opgemerkt moet worden dat het type staal een grote rol speelde bij al dan niet succesvolle penetratie door pantsergranaten. Zo veroorzaakten de (ver)harde staalplaten van de Sovjettanks na een vijandelijke treffer soms 'cornflakes' c.q. interne staalsplinters die dodelijke gevolgen konden hebben. De belangrijkste soorten bepantsering worden 'cast armour' (gegoten staal c.q. pantser) en 'homogenous armour' (RHA, gerold homogeen staal) genoemd. Veel tanks uit de Tweede Wereldoorlog hadden zowel gegoten als gerold staal. Zo was de T-34-85 uitgerust met gerold staal (bij de romp) en gegoten staal (o.a. bij de koepel en het commandoluik). De penetratiewaarden van tankkanonnen zijn nooit exact te bepalen omdat elk land verschillende criteria gebruikt bij het berekenen van waarden.

    T-34-85 model 1943 en 1944

    De eerste T-34-85 tanks werden in december 1943 geproduceerd door de Sovjetfabrieken Nr. 183 (Oeral Autofabriek, UVZ), Nr. 112 (Rode Sormovo Werken te Gorki) en Nr. 174. De T-34-85 model 1943 was bewapend met het 85mm 1943 D-5T kanon (85mm D-5T). Dat wapen was 4,386 meter lang (L/51.6) en woog ongeveer 1,530 kilogram. Het D-5T geschut was een semi-automaat en kon verschillende munitiesoorten afvuren. In totaal waren 55 tot 60 granaten verdeeld over de tankromp en de koepel aanwezig. De belangrijkste 9,2 kilogram wegende projectielen (BR-365(A) en BR-365K) van de pantser doorborende granaten UBR-365 en UBR-365K munitie. Die projectielen werden met snelheden van 785 tot 792 meter per seconde afgevuurd (m/s) en hadden een effectief bereik van plusminus 1,1 kilometer. Amerikaanse troepen noemden de munitie '85mm APHE-T, BR-365' en '85mm APHE-T, BR-365K' ('APHE-T' staat voor 'pantser doorborend hoog-explosief met een lichtspoorelement). Het is onduidelijk of het BR-365 projectiel een pantser doorborende granaat met een ballistisch windschild was (primaire en secundaire bronnen gaan daar vaak niet op in). De ontstekingen waren van het type MD-5, MD-7 (BR-365) en MD-8 (UBR-365K). Volgens een gezaghebbend document (Iraq Ordnance Guide, 2004) kon het 266mm lange BR-365 projectiel van de UBR-365 granaat ook de MD-8 of de MD-10 ontsteking gebruiken. De vuursnelheid van het 85mm kanon lag rond de 4 tot 7 schoten per minuut (met een getrainde bemanning) en het kanon had een richtbereik van 5 graden omlaag en 22 graden omhoog. Een verbeterd 85mm kanon (ZiS-S-53) werd in 1944 geproduceerd en was minder gecompliceerd om te bouwen. Dat wapen ontstond door de samenwerking tussen Fabriek nr. 92 waarbij ingenieur A. Savin een grote rol speelde en het Centraal Ontwerpbureau van de Artillerie. De elevatie van het wapen bedroeg 5 graden omlaag en 20 graden omhoog (sommige bronnen stellen 5 graden omlaag en 22 graden omhoog). De radio van de T-34-85 werd in de koepel ondergebracht. Zowel het 85mm D-5T als het ZiS-S-53 geschut hadden dezelfde munitiesoorten. Het ging daarbij om de eerdergenoemde typen (BR-365, BR-365K). Ook kon nog brisant en (vooral na de oorlog) wolfraammunitie worden afgevuurd. Late T-34-85 1944 modellen konden tevens 257mm lange BR-365P projectielen afvuren (wolfraamgranaat). Die granaten hadden een mondingssnelheid van 1030 meter per seconde (m/s). In verschillende artikelen en boeken komt naar voren dat beide 85mm kanonnen vooral effectief waren tot op een afstand van plusminus een kilometer (1,1). Dat kan ook te maken hebben met richtoptieken en andere zichtmogelijkheden van tanks. Uiteraard speelde het weer en de training van de bemanning ook een zeer grote rol bij het nauwkeurig richten.


    De munitiesoorten van de T-34-85 tank. Achtereenvolgens 85mm UBR-365P (BR-365P wolfraam), UBR-365 (BR-365 pantser), UBR-365K (BR-365K pantser) en UOF-365K (O-365/O-365K brisant). Gebruikte bron(nen): Wikipedia

    T-34-85 model 1943 (85mm D-5T) tegen Panzerkampfwagen IV Ausf. H (7,5 cm KwK 40 L/48)

    Het T-34-85 model 1943 kon met het 85mm 1943 D-5T geschut met de BR-365(A) granaat ongeveer 139 mm staal tot op een afstand van honderd meter, 123 mm op een afstand van vijfhonderd meter, 105 mm op een afstand van een kilometer, 91 mm op een afstand van anderhalve kilometer doorboren en ongeveer 81 mm op een afstand van twee kilometer. In de gezaghebbende publicatie 'World War II ballistics: armor and gunnery' (2001) is te lezen dat de maximale penetratie van de BR-365 granaat tussen de 130 en 143 mm lag (onder een inslaghoek van 0 graden). Pagina vijftig in het boek noemt een maximale waarde van 141 tot 145 mm (0 meter). Een andere pagina in het boek geeft een waarde van 136 mm staal op een afstand van honderd meter. Daarbij wordt niet specifiek aangegeven om welk type munitie, de BR-365 of de BR-365K, het gaat. De explosieve inhoud van de BR-365A granaat bedroeg plusminus 164 gram TNT en de explosieve inhoud van de BR-365K was van het type A-IX-2. Beide granaten werden met een snelheid van plusminus 785-792m/s afgevuurd. De Duitse Panzerkampfwagen IV Ausf. H had op zijn beurt een 7,5 cm KwK 40 L/48 geschut dat met de 7,5 cm Panzergranatpatrone 39 (Panzergranate 39, 6,80 kilogram, 740-750 m/s) ongeveer 130 tot 140, maximaal ongeveer 141-142 mm staal op een afstand van 0 tot honderd meter doorboorde en ongeveer 86 tot 90 mm staal op een afstand van twee kilometer (ongeveer 80 mm bij de 7,5 cm KwK 40 L/43). Het kwam erop neer dat beide pantsergranaten, zowel de Sovjet 85mm BR-365 als de Duitse 7,5 cm Panzergranatpatrone 39, maximaal ongeveer 130 tot 140 mm staal doorboorden. Afhankelijk van de bron, de methode van berekening en het type staal kon de exacte waarde enkele millimeters verschillen. Feit is echter dat het T-34-85 model 1943 beter gepantserd was. De tank had 90mm frontaal koepelstaal, 45mm staal bij de romp en 45mm aan de zijkant versus 80-85mm frontaal rompstaal bij de Panzerkampfwagen IV Ausf. H, 50mm bij de koepel en de mantel en 20 tot 35mm staal aan de zij- en achterkant van het voertuig (exclusief de soms aanwezige 5 mm dikke zijplaten, Schürzen genaamd). In een tabel op internet is te zien dat de T-34-85 de Panzerkampfwagen IV Ausf. H tot op een afstand van een kilometer, overeenkomend met het 1,1 kilometer effectieve schietbereik genoemd in 'Russian Tanks and Armored Vehicles 1917-1945: An Illustrated Reference' uit 1999, kon uitschakelen. Vooral de frontale koepelplaten van de Panzerkampfwagen IV die ongeveer 50mm dik waren, soms wat minder dik of wat dikker, dat lag aan de kwaliteit van het staal en de productie, waren relatief kwetsbaar voor 85mm antitankvuur.


    Een Duitse Panzer IV uitvoering H (Ausf. H) met aan de zijkant de zgn. Schürzen aan een bosrand in Rusland. Gebruikte bron(nen): Wikimedia (Bundesarchiv, Bild 101I-695-0406-03 / Möller / CC-BY-SA 3.0)

    Een 7,5 cm KwK 40 op een Panzer IV in 1943. Gebruikte bron(nen): Bundesarchiv (Bundesarchiv, Bild 101I-297-1722-27 / Kurth / CC-BY-SA 3.0)

    De Panzerkampfwagen IV Ausf. H kon op zijn beurt de T-34-85 ook doorboren en wel tot op een afstand van een kilometer of verder. Zo kon de 7,5 cm Panzergranatpatrone 39 (soms als Panzergranate 39, Pzgr. 39 of PzGr. 39 omschreven), nog afgezien van de Panzergranatpatrone 40 wolfraam, de frontale koepelbepantsering van het T-34-85 model 1943 (ongeveer 80 tot 90mm) en de voorkant van de romp (45mm in een hoek, equivalent aan ongeveer 90mm staal) tot op een afstand van een kilometer of zelfs verder doorboren. De accurate richtvizieren van de Panzer IV Ausf. H kwamen daarbij van pas. Wel is het zo dat het 85mm geschut en de gebruikte BR-365 munitie een grotere explosieve inhoud had dan de 7,5 cm Duitse Panzergranate 39. Dat maakte in de praktijk eigenlijk vrij weinig uit: granaten met een kaliber van 7,5 of 85mm maakten zeer grote schade en konden tanks met een of twee gerichte schoten uitschakelen, vooral indien de munitieopslag geraakt werd. We kunnen concluderen dat beide tanks elkaar konden uitschakelen, waarbij opgemerkt dient te worden dat de granaten van de T-34-85 over het algemeen sneller waren, de projectielen zwaarder waren en de explosieve (TNT) inhoud hoger was. In combinatie met het over het algemeen betere pantser van de T-34-85 was de tank een geduchte tegenstander voor de Panzer IV Ausf. H. Ook vanwege de grote productieaantallen van de T-34-85 tank. Van de T-34-85 werden meer dan 20,000 stuks geproduceerd tegenover 3,744 Panzer IV Ausf. H en 1,758 Ausf. J.


    Sovjetsoldaten bij een vernietigde Panzerkampfwagen IV Ausf. H na de Slag om Koersk. De extra zijplaten zijn duidelijk te zien. Het kanon is afgebroken en de bovenkant van het koepeldak is doorboord. Juli 1943. Gebruikte bron(nen): Albumwar2

    T-34-85 model 1943 (85mm D-5T) tegen Panzerkampfwagen IV Ausf. J (7,5 cm KwK 40 L/48)

    De T-34-85 kon de genoemde Duitse tank net als de Panzerkampfwagen IV Ausf. H, de eerdere versie, op grote afstand vernietigen. De Ausf. J werd gekenmerkt door een handmatig aangedreven koepel en dat zorgde ervoor dat de koepeldraaisnelheid drastisch werd gereduceerd (de elektrische generator die de koepel aandreef werd weggehaald en een tweehonderd liter benzinetank werd geïnstalleerd). Ook waren slechts drie toprollers aanwezig in plaats van vier. Het voertuig had vaak geen Schürzen, maar gaas dat aan de zijkanten van de romp was bevestigd. De Ausf. J was een Panzer IV die gericht was op massaproductie. De 7,5 cm KwK 40 L/48 van de tank kon de T-34-85 op dezelfde afstand (1-2 km) vernietigen als de Panzer IV Ausf. H. Vooral de zij- en achterkant van de Panzerkamfpwagen IV Ausf. J was kwetsbaar voor 85mm vuur. De voorkant was ook kwetsbaar omdat die slechts 50mm (koepel) tot 80-85mm (romp) dik was.


    De bemanningen van T-34-85 tanks maken de voertuigen klaar voor de slag om Belgrado in 1944. Gebruikte bron(nen): Albumwar2

    T-34-85 model 1943 (85mm D-5T) tegen Panzerkampfwagen V Ausf. D, A en G (7,5 cm KwK 42 L/70)

    De T-34-85 model 1943 kon zoals gezegd ongeveer 130 tot 140 mm staal tot op een afstand van nul tot honderd meter doorboren. Op een afstand van twee kilometer bedroeg dat ongeveer 80 tot 90 mm staal (afhankelijk van de bron en de uitgevoerde schiettesten). De mondingssnelheid van 785 tot 792m/s zorgde ervoor dat doelen snel geraakt konden worden. De Duitse Panzerkampfwagen V 'Panther' Ausf. D (versie 'D') was bewapend met een lang 7,5 cm KwK 42 L/70 geschut dat met de 7,5 cm Panzergranatpatrone 39/42 (6,80-7,20 kg, 925-935m/s) maximaal 180 tot 190 mm staal op een afstand van 0 tot honderd meter doorboorde en ongeveer 114 tot 120 mm tot op een afstand van twee kilometer. Dat betekende dat die granaat sneller was en dikker staal kon doorboren dan de BR-365 granaat van het 85mm D-5T en ZiS-S-53 geschut. Wat betreft de bepantsering had de Panther een frontale koepelbepantsering van 100 tot 130 mm staal (op sommige plekken ongeveer 110mm), een zijbepantsering van 40 tot 50 mm en een achterkantbepantsering (romp) van 40 tot 45 mm staal (de 'G' versie was een van de laatste Panther-tanks en had anders dan de D versie, een 'kin' bij de mantel van de koepel). Een primaire Russische bron op internet (tankarchives) stelt dat het 85mm D-5T geschut de frontale bepantsering van de Panther-tank op een afstand van 300 meter doorboorde. De frontale rompplaten van de Panther-tank (80mm) waren in theorie nagenoeg onkwetsbaar (ongeveer equivalent aan 120-130mm verticaal staal). Feit is dat het 85mm D-5T geschut de frontale 100 tot 110mm dikke koepelplaten van de Panther-tank (Ausf. D) kon doorboren (enkele honderden meters, in theorie ongeveer tot een halve of zelfs een kilometer). Dat lag uiteraard aan de hoek van de Panther-tank en de kwaliteit van het frontale koepelstaal. Opgemerkt dient te worden dat de Panther Ausf. D een kenmerkende bolling bij de koepel had (de Panther-versies A en G niet) waardoor granaten tegen de bolle onderkant van de koepel (mantel) konden afketsen en de bovenkant van de relatief dun gepantserde romp (16mm) konden doorboren. De zij- en achterkant van de Panther-tank kon, gelet op de gegeven waarden, ongeveer tot op een afstand van een kilometer of verder met het 85mm geschut doorboord worden. Ook al doorboorde de granaat de bepantsering niet, de granaatscherven en de impact zouden zeker grote schade toebrengen.

    Omgekeerd kon de Panther-tank (Ausf. D) het T-34-85 model 1943 tot op grote afstand (1,5 kilometer of verder) aan de voorkant van de koepel, of de romp uitschakelen. De zijkanten van de Sovjettank waren zeer kwetsbaar en konden in theorie tot op nog grotere afstand doorboord worden. Mits de Panther-tank afstand kon bewaren en de T-34-85 niet dichterbij kon komen, was de Duitse tank in het voordeel. Indien de T-34-85 tot op een afstand van een halve kilometer of dichterbij kon naderen namen de kansen voor de Sovjettank toe. Dat had ook te maken met de trage koepeldraaisnelheid (ongeveer 60 seconden voor een complete omwenteling) van de Panther Ausf. D en de trage achteruitrijsnelheid, in combinatie met het relatief dunne 40 tot 50mm zijpantser (45 tot 50mm bij de Ausf. G). Vergeleken met de Ausf. A en G was de Panther Ausf. D wat minder goed gepantserd (ongeveer 100mm bij de koepel versus 110-130 bij de Ausf. G) en maximaal 50mm dikke zijplaten bij de Ausf. G. Ook hadden die tanks een snellere koepeldraaisnelheid.

    T-34-85 model 1943 (85mm D-5T) tegen Panzerkampfwagen VI Tiger (H1/E) (8,8 cm KwK 36 L/56)

    De impuls voor de ontwikkeling van de T-34-85 had vooral te maken met nieuwe sterke Duitse tanks en antitankkanonnen (7,5 cm of groter). De zware Tiger-tank speelde in dat opzicht ook een rol. De Tiger-tank had ongeveer 110mm staal aan de voorkant van de koepel (op sommige plekken 100-120mm) en 100 tot 102 mm staal aan de voorkant van de romp, 82mm aan de zijkant en 82mm aan de achterkant van romp en koepel. Bij een bepaalde hoek werd de maximale staaldikte tot een hoogte van 130mm opgevoerd (de Duitsers stelden hun Tiger-tank in een diamantvorm op zodat de voorkant schuin tegenover de vijandelijke tank stond). Sovjetschiettesten met het 85mm geschut bevestigden dat het wapen in staat was de Tiger-tank (Tiger I) aan de voorkant tot op een afstand van een kilometer te doorboren (een primaire Sovjetbron op de site 'Tankarchives' stelt: "conclusion: the armour piercing shell can penetrate the side of the Tiger tank, 82 mm thick, from 1500 meters, and the front, 100 mm thick, from 1000 meters."). Ook de zijkant was kwetsbaar voor 85mm pantsermunitie. Die zijkant kon tot op een afstand van 1,5 kilometer doorboord worden. De Tiger-tank had een 8,8 cm KwK 36 L/56 geschut dat onder andere 8,8 cm Panzergranatpatrone 39 (8,8 cm PzGr. 39) munitie afvuurde (naast holle lading, brisant en soms ook nog wolfraam). Die munitie (10,2 kg, 773-810m/s) doorboorde maximaal ongeveer 159 tot 169 mm op een afstand van nul tot honderd meter en meer dan 110 mm (112-116) op een afstand van twee kilometer. Het feit dat het kanon meer dan 110 mm staal op een afstand van twee kilometer doorboorde betekende dat de T-34-85 kwetsbaar was tot op die afstand. Zowel de koepel (90mm) als de romp (ongeveer 90mm) konden op die afstand met de 8,8 cm Panzergranatpatrone 39 doorboord worden. De sterkere en snellere Panzergranatpatrone 40 (PzGr. 40) doorboorde meer dan 200 mm op een afstand van nul tot honderd meter en 143 mm op een afstand van twee kilometer. Geconcludeerd kan worden dat beide tanks elkaar konden uitschakelen. De Tiger-tank kon de T-34-85 aan de voorkant wel tot op grotere afstand vernietigen dan omgekeerd. Uiteindelijk zouden vooral de productieaantallen van de T-34-85 in combinatie met de sterke vuurkracht de doorslag geven. Daarbij moet zeker niet uit het oog worden verloren dat de T-34-85 zeker een kans maakte om een Tiger-tank van voren uit te schakelen.

    T-34-85 model 1943 (85mm D-5T) tegen Panzerkampfwagen VI Ausf. B Tiger II (8,8 cm KwK 43 L/71)

    De zware Duitse Panzerkampfwagen VI Ausf. B Tiger II, soms ook wel 'King Tiger' of Tiger II genoemd, woog ongeveer 69 tot 70 ton en had een 8,8 cm KwK 43 L/71 kanon dat met de 8,8 cm Panzergranatpatrone 39/43 (10,2 kilogram, 1000m/s) meer dan 230 mm (232-241) staal tot op een afstand van honderd meter en ongeveer 176 tot 180 mm staal tot op een afstand van twee kilometer kon doorboren. De frontale koepelbepantsering (185mm) en de frontale rompplaten (150mm) waren nagenoeg ondoordringbaar voor de 85mm BR-365 munitie van het 85mm D-5T geschut. De T-34-85 kon de Tiger II dan ook niet aan de voorkant uitschakelen, zelfs niet op korte afstand (gelukstreffers en afketsende granaten uitgesloten). Alleen de zijkant en achterkant (82mm) waren voor het 85mm D-5T kanon kwetsbaar en konden tot op een kilometer, soms nog wat verder, doorboord worden. Het feit dat de Tiger II ook nog de wolfraamgranaat Panzergranatpatrone 40/43, oftewel PzGr 40/43 kon afvuren betekende dat de T-34-85 nog kwetsbaarder werd, al was die munitie slechts in kleine aantallen beschikbaar. Een frontaal gevecht tussen de T-34-85 en de Tiger II was eigenlijk zelfmoord voor de Sovjettank. Toch zijn er verhalen bekend dat T-34-85 tanks Tiger II voertuigen uitschakelden, zij het aan de zijkant. Slimme tactieken, snelheid en gebruikmaken van het terrein speelden daarbij een grote rol. Afgezien van de productieaantallen (489 Tiger II versus meer dan 20,000 T-34-85 tanks) was de Tiger II een voertuig met een betere antitankvuurkracht, maar verhinderde het gewicht vaak effectieve inzet (nog afgezien van brandstofgebrek en andere mankementen). De Tiger II was eigenlijk gewoon te zwaar voor de motor en veel bruggen konden het gewicht niet eens aan. Daar had de T-34-85 vaak geen last van.


    Sovjet T-34-85 tanks van het Negende Gardetankkorps van het Tweede Gardetankleger van het Rode Leger in nazi-Duitsland (1945). Gebruikte bron(nen): Albumwar2

    T-34-85 model 1944 (85mm ZiS-S-53) tegen de genoemde Duitse tanks

    Het in grotere aantallen geproduceerde T-34-85 model 1944 verschilde eigenlijk niet zoveel van de T-34-85 model 1943. Het kanon (85mm 1944 ZIS of ZiS-S-53) was 4,641 meter lang en was semi-automatisch. Het richtvizier bij het wapen was de Tsch-16 (16 graden visie en een viervoudige zoomfunctie). Het ZiS-S-53 wapen kon dezelfde munitiesoorten afvuren als de 85mm D-5T en doorboorde maximaal ongeveer 130 tot 145 mm staal met de standaard BR-365A en BR-365K munitie. De informatie bij de T-34-85 1943 kan ook toegepast worden op de T-34-85 model 1944. De tank was in staat de Panzerkampfwagen IV (H en J en eerdere versies zoals de G) tot op een kilometer of verder uit te schakelen, de Panther-tank (Ausf. D, A en G) aan de voorkant bij de koepel tot op een afstand van ongeveer een halve kilometer (soms iets verder zoals de tabel van http://www.wwiiequipment.com/pencalc/ aangeeft), de Tiger-tank tot op een afstand van plusminus een kilometer (voorkant romp) en de Tiger II vaak alleen aan de zij- en achterkant.


    Waffen-SS-soldaten bij een vernietigde T-34-85 tank. De soldaat links heeft een Walter P38 pistool. Februari 1945. Gebruikte bron(nen): Albumwar2

    Conclusie

    Het T-34-85 model 1943 en 1944 waren gevaarlijk voor alle Duitse tanks, zelfs voor de zwaardere modellen. Alleen de voorkant van de Tiger II was relatief onkwetsbaar voor 85mm vuur (de zij- en achterkant niet). Toch konden door de impact van meerdere 85mm granaten interne staalschilfers ontstaan. Dat had soms fatale gevolgen voor de bemanningsleden. Zelfs als de granaat het pantser niet doorboorde kon de tank soms onbruikbaar worden. Met de introductie van de T-34-85 in december 1943 waren de Sovjets erin geslaagd om een capabele tank in te zetten die de meeste Duitse (tank)dreigingen en tankjagers het hoofd kon bieden, of in ieder geval in staat was die dreigingen onschadelijk te maken. Dat was een opluchting omdat de oudere T-34 tanks (T-34-76) dat vermogen vaak niet hadden en met standaard pantsermunitie vaak niet in staat waren de zwaardere Duitse tanks aan de voorkant bij de romp of de koepel te doorboren. Afgezien van die feiten kon de Sovjettank ook Duitse infanterie of licht gepantserde doelen met brisant (O-365) uitschakelen. Een groot voordeel daarbij was de relatief snelle koepeldraaisnelheid. Al met al was de dertig tot vijfendertig ton wegende T-34-85 een geslaagde tank!

    Definitielijst

    Artillerie
    Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
    infanterie
    Het voetvolk van een leger (infanterist).
    invasie
    Gewapende inval.
    kaliber
    De inwendige diameter van de loop van een stuk geschut, gemeten bij de monding. De lengte van de loop wordt vaak aangegeven in het aantal kalibers. Zo is bv de loop van het kanon 15/24 24 ×15 cm lang.
    kanon
    ook bekend als Kanone (Du) en Gun (En). Wordt vaak gebruikt om allerlei geschut aan te duiden. Eigenlijk slaat de term op vlakbaan geschut. Wordt gekenmerkt door een langere loop en grotere dracht.
    massaproductie
    Het maken van een grote hoeveelheid van hetzelfde produkt.
    Sovjet-Unie
    Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.
    TNT
    Trinitrotolueen. Springstof. Voornamelijk gebruikt in bommen en zwaardere granaten.

    Informatie

    Artikel door:
    Ruben Krutzen
    Geplaatst op:
    17-11-2019
    Laatst gewijzigd:
    25-11-2019
    Feedback?
    Stuur het in!

    Gerelateerde boeken

    Russian Tanks and armored vehicles 1917 - 1945
    Panzer in Russland: die deutschen gepanzerten Verbände im Russland-Feldzug 1941 - 1944