KV-122

    Inleiding

    Tijdens de Tweede Wereldoorlog zette de Sovjet-Unie verschillende tanks in. Tijdens en na Operatie Barbarossa (22 juni 1941) was het Rode Leger uitgerust met de lichte T-26, de BT-series, de middelzware T-28, de zware T-35, KV en de middelzware T-34 tanks. De aanvankelijke 'tankschok' die de zware KV (KV-1 en KV-2) en de middelzware T-34 tank bij de Duitsers veroorzaakten, zorgde ervoor dat het Duitse tankapparaat nieuwe tanks ging produceren en eerder gelanceerde tankontwerpen (zoals de vanaf 1938 ontwikkelde PzKpfw VI Tiger) prioriteit kregen. Zodoende ontstonden in 1942 PzKpfw VI Tiger (Tiger I) en in 1943 PzKpfw V Panther (de D versie was het eerste geproduceerde model). De Tiger- en Panther tanks waren in staat alle Sovjettanks op grote afstand te vernietigen, zonder dat de Duitse modellen aan de voorkant op middellange of lange afstand kwetsbaar waren. Tijdens de Slag om Koersk in juli 1943 werd duidelijk dat de Duitse Tiger- en Panther tanks beter in staat waren de Sovjetmodellen op grotere afstand uit te schakelen dan omgekeerd. Aan Sovjetzijde moest gesleuteld worden om nieuwe wapens en nieuwe tanks te ontworpen die in staat waren de Tiger en Panther aan de voorkant, zijkant of achterkant op korte, middellange of grote afstand te vernietigen.


    Een zeldzame foto van de niet vaak gefotografeerde KV-122. Bron: Warspot.ru

    Nieuwe ontwerpen

    Na de Slag om Koersk werd een Sovjetbevel uitgevaardigd om een tank met een 122mm geschut en een nieuwe tankjager te ontwikkelen. Het bestaande 85mm D-5T geschut dat later in de nieuwe T-34-85 gebruikt werd bleek op de lange termijn toch niet krachtig genoeg om de Tiger en Panther-tanks op grote afstand aan de voorkant te doorboren. Er waren weliswaar verschillende schiettesten met het 85mm D-5(T) wapen tegen Duitse tanks gehouden, maar het kanon kon bijvoorbeeld de voorkant van de Panther-tank vrijwel niet doorboren en de Tiger-tank vaak alleen op een afstand van maximaal een kilometer. Een nieuw kanon dat gebaseerd was op 122mm geschut (122 mm corps gun M1931/37 (A-19) werd door het ontwerpbureau van Fabriek Nr. 9 ontwikkeld. Het te gebruiken onderstel was de KV-85 tank die met een 85mm D-5T was bewapend. Het nieuwe kanon zou ervoor zorgen dat de tank ongeveer 47 tot 48 ton woog. Dat was erg veel voor het onderstel en zou er wellicht toe kunnen leiden dat de tank niet erg manoeuvreerbaar en snel was.

    Het idee om de bewapening van de KV-85 te verbeteren ontstond in het Centraal Artillerie Ontwerpbureau (TsAKB). Het bureau had ervaring met prototypes en ontwierp drie tanks: de KV-122 (1943), KV-100 (1944) en KV-122 (Object 239, 1944). Object 239 had een lang 122mm geschut (122mm D-25T). Het constructiebureau van Chelyabinsk ontwierp een nieuwe tank die gebruik maakte van het KV-85 onderstel met een nieuwe koepel (afkomstig van de nieuw ontworpen JS-2 tank). Omdat primaire bronnen over het ontstaan van de KV-122 schaars zijn is het lastig de exacte historie van het voertuig weer te geven. Andere bronnen stellen namelijk dat ingenieur A.S. Schneidmann (soms ook A.S. Shneidman genoemd) een Object 239 (KV-85) onderstel met een JS-2 koepel uitrustte (met een 122mm D-25 kanon). Het totaalgewicht van het nieuwe voertuig lag rond 47 ton. Het grote voordeel van de KV-122 was het feit dat een bestaande tank gebruikt werd bij het ontwerp (in dit geval de KV-85). Het project werd goedgekeurd in het voorjaar van 1944 en de nieuwe tank werd in enkele maanden geassembleerd en kreeg de aanduiding KV-122.


    De zware KV-122 in volle glorie. Het 122mm D-25T geschut was meer dan vijf meter lang en woog bijna twee ton. De tank maakte gebruik van het KV-85 onderstel en was voorzien van 75mm frontaal rompstaal. De tank was niet erg snel of manoeuvreerbaar en kon slechts 2 tot 3 keer per minuut vuren (gewicht granaten, krap interieur, tweedelige munitie). Bron: Publiek domein

    Het nieuwe KV-122 ontwerp was echter niet succesvol. Dat had vooral te maken met het feit dat het 122mm geschut erg zwaar was en daardoor het gewicht van de tank toenam. De maximumsnelheid en betrouwbaarheid wat betreft balans van de tank waren niet erg goed. Het idee van de KV-122 bereikte niet het Hoofddirectoraat van Tankreparaties van het Rode Leger. Omdat een geheel nieuwe tank met een 122mm geschut al op de tekentafel lag, dat ook nog eens beter gepantserd was, werd de KV-122 niet in massaproductie genomen. Dat had ook te maken met het feit dat veel KV-85 tanks door Duitse troepen en tanks al aan het front vernietigd waren zodat er niet genoeg KV-85 onderstellen beschikbaar waren om omgebouwd en uitgerust te worden met het krachtigere 122mm D-25T geschut.

    De KV-122 had vier bemanningsleden waarvan er drie in de koepel gestationeerd waren (commandant, lader, richter). De bestuurder zat in de romp van het voertuig. De Russische Wikipedia stelt dat de tank vijf bemanningsleden had. Dat is echter onwaarschijnlijk omdat de KV-85 en de JS (Jozef Stalin) vier bemanningsleden hadden.

    Techniek

    De KV-122 had hetzelfde onderstel als de KV-85 dat gepantserd was met 75mm staal aan de voorkant van de romp en 40 tot 75mm aan de achterkant. De koepel had aan alle kanten ongeveer 100mm staal (inclusief mantel en schuine hoeken ongeveer 100-110mm). De motor (V-2-IS of V-2-K) leverde ongeveer 500 tot 600 paardenkracht en de tank bereikte 30 tot 37 kilometer per uur.

    Het chassis bestond uit twaalf stalen wielen (zes aan elke kant) uitgerust met interne schokdemping en een individuele torsiestaafophanging, zes kleinere, met rubber uitgeruste steunrollen, een voorste geleider en achterste aandrijfwielen, twee 16-tandkronen en een rupsketting met een breedte van 700 mm. De tank was uitgerust met een R-9-radio en een zweepantenne.

    De hoofdbewapening van de KV-122 was het enorm krachtige 122mm (exact 121.9mm) D-25T geschut, oftewel het 122mm 1943 tankkanon (D-25 T) dat 122mm projectielen (24,9 tot 25 kilogram) met een snelheid van 781 tot 795m/s afvuurde. Het D-25T wapen was eigenlijk geen echt antitankgeschut, maar was eerder bedoeld als multifunctioneel wapen dat ook tanks kon vernietigen (maar vooral bunkers). Het wapen was 5.65 meter lang (L/43), had 44 groeven in de loop en woog 1,930 kilogram. Het 122mm kanon kon drie graden omlaag en twintig graden omhoog richten en had een effectief schietbereik van 1,1 kilometer (met pantsermunitie). Twee pantsergranaten waren beschikbaar: de 122mm BR-471 en later BR-471B waarvan de explosieve inhoud ongeveer 160 gram bedroeg. Beide granaten doorboorden maximaal ongeveer 200 mm staal (onder een hoek van 0 graden) en ongeveer 120 tot 130 mm op een afstand van twee kilometer (BR-471). Soms wordt 140 mm staal op een afstand van een halve kilometer genoemd. Ook kon de tank brisant afvuren (OF-471). Die munitie had een zeer vernietigend effect tegen bunkers en andere zware doelen. Het lange 122mm geschut had met de brisant munitie een maximaal schietbereik van plusminus 13,5 tot 15 kilometer, maar was redelijk accuraat tot op een afstand van een kilometer (1,1 km). Het grote nadeel van het kanon was het feit dat de munitie uit twee delen bestond waardoor het laden bemoeilijkt werd (maximaal 1 tot 2 bij de 122mm A-19 en later 2 tot 3 schoten per minuut bij de 122mm D-25T). Het krappe interieur van de koepel bemoeilijkte het laden ook nog eens. Vergeleken met de Duitse 7,5 cm KwK 42 L/70 en de 8,8 cm KwK 36 L/56 (Panther en Tiger), waren de 122mm projectielen zwaarder (6,8 en 10,2 kilogram bij de Duitse tankkanonnen en 25 kilogram bij de 122mm D-25T). De mondingssnelheid van de BR-471 pantsergranaat van het 122mm geschut was hoger (781-795m/s) dan de 8,8 cm Panzergranatpatrone 39 van de 8,8 cm KwK 36 L/56 (773-810m/s), maar lager dan de 7,5 cm Panzergranatpatrone 39/42 van de 7,5 cm KwK 42 L/70 (925-935m/s).

    Feit is dat de Duitse Tiger en Panther-tanks aan de voorkant niet meer onkwetsbaar waren. Het Sovjet 85mm D-5T kanon was weliswaar in staat de Tiger-tank aan de voorkant te doorboren (romp en koepel) en de Panther-tank op kortere afstand (koepel), maar het 122mm D-25T wapen kon beide tanks aan de voorkant tot op een kilometer of verder (1,5) vernietigen. De voorkant van de Panther-tank bood over het algemeen niet voldoende bescherming om 122mm BR-471 granaten tegen te houden. Die situatie verergerde aan het eind van de oorlog toen Duitsland andere samenstellingen gebruikte om pantserplaten te fabriceren waardoor de kwaliteit van het staal soms afnam. Schiettesten met het 122mm D-25 kanon bevestigen dat zelfs de brisantgranaten in staat waren Duitse tanks te vernietigen. Omgekeerd konden de Tiger en Panther-tanks de KV-85 en de KV-122 ook aan de voorkant vernietigen. In theorie zelfs tot op een afstand van 1,5 tot 2 kilometer (de 7,5 cm KwK 42 L/70 en de 8,8 cm KwK 36 L/56 hadden meer dan 100 mm penetratie op een afstand van twee kilometer).

    Ondanks het feit dat de KV-85 en de daarop gebaseerde KV-122 niet erg goed gepantserd waren, of in ieder geval niet voldoende om Duits 7,5 cm en 8,8 cm antitankvuur tegen te houden, waren beide modellen in staat Duitse tanks te vernietigen. Vooral de KV-122 had een zeer grote vuurkracht en kon alle bestaande Duitse tanks aan de voorkant uitschakelen. De introductie van de zwaardere Jozef Stalin modellen (JS-1 en JS-2) maakte de KV-122 overbodig en maakte duidelijk dat de sterkste Duitse tanks hun tankequivalent (JS-2) hadden gevonden. Het was nu vooral een kwestie van extreme vuurkracht en vernietigingsvermogen (122mm D-25T) versus hogere vuursnelheid en kleinere kaliber wapens (7,5 cm KwK 40 en KwK 42 en 8,8 cm KwK 36 en KwK 43) waarbij het 122mm geschut duidelijk grotere moeite had om snel te kunnen schieten. Uiteindelijk zouden vooral de productieaantallen van de Sovjettanks de doorslag geven. De Sovjet-Unie won de oorlog door een combinatie van kwaliteit en kwantiteit, maar vooral door kwantiteit.

    Opmerkelijk gegeven is dat de Russische Wikipedia stelt dat de KV-122 aan frontgevechten deelnam. Zo zou het voertuig tegen de Finnen aan het Leningrad-front ingezet zijn als onderdeel van de 26e en 27e afzonderlijke zware tankregimenten (Guards) bij de doorbraak van het 21e leger. Hierover is echter niets te lezen in Engelstalige of Duitse boeken.


    Een uitgeschakelde KV-85 tank. De frontale koepelbepantsering bedroeg ongeveer 100mm. Het kenmerkende 85mm D-5T geschut is duidelijk te zien. De tank is vast komen te zitten in de modder en/of sneeuw. Bron: Publiek domein

    Conclusie

    De wapenwedloop aan het Oostfront gaf een impuls aan het ontstaan van nieuwe wapens en tanks. De Sovjets gebruikten hun bestaand 122mm A-19 geschut om tanks uit te rustten. Het gemodificeerde 122mm D-25T tankkanon was een van de meest krachtige tankkanonnen van de Tweede Wereldoorlog en kon alle Duitse tanks vernietigen. De KV-122 was een poging om de KV-85 van dat krachtige 122mm geschut te voorzien. Ondanks de vuurkracht raakte het voertuig uit balans en was het niet erg snel. De concurrentie met een beter gepantserd pantservoertuig (de 'JS' van Jozef Stalin) en het feit dat veel KV-85 tanks aan het Oostfront vernietigd werden, zorgden ervoor dat de KV-122 niet in massaproductie werd genomen. Feit is dat de Sovjet-Unie met steeds krachtiger antitankgeschut op Duitse tanks reageerde (85mm D-5T en ZiS-S-53, 122mm D-25T en 100mm D-10). De KV-122 kan gezien worden als een poging een bestaande tank met krachtiger geschut te bewapenen.

    Technische gegevens:

    Model: KV-122 (KB-122)
    Gewicht: Plusminus 47 tot 48 ton
    Bemanning:4 man
    Motor:V-2K / W-2K of V-2-IS V12 diesel van 520 tot 600 pk
    Snelheid:30 tot 37 km/u op de weg
    Bereik:Onbekend
    Afmetingen:Lengte: 6,95 meter, hoogte: 2,53 meter, breedte: 3,25 meter
    Bewapening: 1 x 122mm D-25T, 1-3 x 7.62mm DT mg
    Munitie:122mm D-25T - 28 granaten, 7.62mm - onbekend
    Bepantsering: Koepel - 100-110mm, zijkant - 100mm, achterkant - 100mm, Romp - 75mm, zijkant - 60mm, achterkant - 40-75mm

    Definitielijst

    Artillerie
    Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
    kaliber
    De inwendige diameter van de loop van een stuk geschut, gemeten bij de monding. De lengte van de loop wordt vaak aangegeven in het aantal kalibers. Zo is bv de loop van het kanon 15/24 24 ◊15 cm lang.
    kanon
    ook bekend als Kanone (Du) en Gun (En). Wordt vaak gebruikt om allerlei geschut aan te duiden. Eigenlijk slaat de term op vlakbaan geschut. Wordt gekenmerkt door een langere loop en grotere dracht.
    massaproductie
    Het maken van een grote hoeveelheid van hetzelfde produkt.
    Rode Leger
    Leger van de Sovjetunie.
    Sovjet-Unie
    Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

    Informatie

    Artikel door:
    Ruben Krutzen
    Geplaatst op:
    26-10-2019
    Laatst gewijzigd:
    28-10-2019
    Feedback?
    Stuur het in!

    Gerelateerde boeken

    Russian Tanks and armored vehicles 1917 - 1945